Windparken in bossen, het begint te wennen bij de eigenaren

Boseigenaren hebben iets met de natuur. Daarom moeten ze nog wat wennen aan windparken in hun natuur. Maar nu de subsidie voor bosonderhoud gekort wordt, lijken ze zich te realiseren dat windparken ook voor de nodige inkomsten kunnen zorgen. Bovendien is het bos een natuurlijke plek voor windmolens. Windmolens moeten altijd op enige afstand van woningen gebouwd worden. Bossen zijn meestal onbewoond, dus geschikt. Tegenwoordig zijn er ook windmolens te koop met masten van meer dan 100 m, nodig in bossen want bomen remmen de wind op 100 m hoogte wel wat af.

Windparken moeten een regionale schaal hebben
De bos en natuur beheerders  hebben samen 5000 km2  gebied in beheer, allemaal losse grote en vooral kleine gebieden. Nu kunnen de boseigenaren er voor kiezen om hier en daar een enkele windmolen te tolereren, voor zover ze de opbrengst nodig hebben. Maar die windmolens steken natuurlijk boven het bos uit, en ze zijn zichtbaar aan de horizon in nabijgelegen gebieden zonder bos. Daarom moeten ook windparken in het bos op een mooie manier ontworpen worden. Dat betekent dat de boseigenaren met anderen in de regio moeten samen werken om mooie windparken van regionale schaal te bouwen.
Enkele voorbeelden van dergelijke windparken staan op het Windparken Wiki, afdeling bos

Zo zou het kunnen dat natuurliefhebbers zich mede “schuldig” gaan maken aan windparken waar ze vaak tegen gestreden hebben.
Maar met hun medewerking aan een mooi windpark, krijgen ze meer geld voor die natuur. En als ze dan kiezen voor een mooi windpark, neemt het draagvlak bij de omwonenden ook toe, waardoor ze een natuurlijke coalitie kunnen aangaan voor het bos dat ze beheren, met veel meer mensen in de regio. Veel meer en andere mensen dan nu gebruik maken van het bos.
Zo neemt de betekenis van een bos en natuurgebied toe, doordat meer mensen er een relatie mee gaan krijgen. dat zijn de mensen die een stukje van het windpark in het bos bezitten, of juist van dat deel van het windpark dat buiten het bos is gebouwd.

Enkele voorbeelden
Het Groene Woud, een bosrijk stuk Brabants platteland, doorsneden door treinen, snelwegen en hoogspanningslijnen. Een gedeelte is zeer dun bevolkt, dus daar kan wel een rijtje windmolens. Zie mogelijk windpark in het Groene Woud

De regio Apeldoorn. De stad probeert al jaren om haar doelstelling waar te maken om in 2020 energie neutraal te worden. Daarvoor zijn windmolens nodig, maar het miniwindpark op de Ecofactorij schiet maar niet op, en is bovendien veel te klein. Echter, in de omgeving van de stad is vooral bos en hei. Ruimte genoeg voor een rij windmolens bij en voor Apeldoorn en omegving.

Texel wil in 2030 energie neutraal zijn, maar rechtse Texelse politici vinden dat windmolens op subsidie draaien, dus zij houden Duurzaam Texel tegen. Een groep inwoners kan met Staatsbosbeheer een deal sluiten. In de Texelse Dennen is ruimte voor een rij windmolens van 7 stuks, je ziet ze alleen vanaf de boot naar Texel.

Staatsbosbeheer stelt, juli 2011, dat ze het in nieuwe bossen willen gaan doen. Maar de vraag is of dat snel genoeg voldoende geld oplevert. Niet elk bos of natuur is geschikt voor een windpark. De wind is geen probleem, er is overal in Nederland genoeg wind.

De rijksoverheid verziekt de marktverhoudingen door windrijke gebieden beter te bedienen met subsidie dan gebieden met minder wind, zoals binnenland locaties en bosgebieden.
Verder moet de natuur natuurlijk beschermd worden, voor zover die bedreigt wordt door een windpark. Windparken in de natuur zijn expliciet niet verboden. Wel is het verboden schade aan te richten in de natuur.

Windpark exploiteren met de hand aan de kraan
Schade is als diersoorten die al in hun voortbestaan bedreigd worden, zodanig gehinderd worden door een windpark, dat ze ter plekken dreigen te verdwijnen.
Het is dus niet erg, als een vogel van een soort waar er genoeg van zijn, een keer verongelukt tegen een windmolen, wel jammer natuurlijk. Maar er komen jaarlijks miljoenen vogels om door het verkeer, onze eigen auto.  En onze eigen katten pakken andere miljoenen vogels, per jaar. Daarbij kijken we niet of dat bedreigde soorten zijn, er worden in dit land geen woonwijken katvvrij gemaakt of belangrijke wegen afgesloten als daardoor een bedreigde vogelsoort beter beschermd wordt.
maar bij windmolens in de natuur wordt wel degelijk naar de bedreigde soorten ter plekke gekeken.
Eerst wordt gekeken of het windpark zodanig ontworpen en gesitueerd kan worden dat de invloed op vogels minimaal is. Zo is in het windpark aan de rand van de Noord Oost Polder grote gaten gehouden, om vogels daar ongehinderd te laten passeren. Het windpark mag niet als een barrière werken tussen broed en fourageergebieden.
Daarnaast hebben windparken een belangrijk effect op de monitoring van de natuur ter plaatse. Het effect van het windpark moet continu in de gaten gehouden worden, en als er onwenselijke effecten zijn, moet de exploitant ingrijpen. Dat heet, exploiteren met de hand aan de kraan. Bijvoorbeeld de windmolens verlichten in de nacht, of zelfs stilzetten op bepaalde tijden als er veel vogelverkeer is.
Maar het kan ook zijn dat het bos aangepast wordt, om op een andere plek een aantrekkelijk gebied te maken voor bepaalde vogels, zodat die niet meer aan de andere kant van het windpark hoeven te zijn.

Windparken kunnen dus gewoon onderdeel zijn van het grootschalige tuinieren dat bosbeheerders altijd al deden.

Dit bericht is geplaatst in duurzaam, invloed, politiek en getagd, , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *